Wet Tegemoetkoming Loondomein

Inzicht in uw loonkosten en zelf pro forma berekeningen maken met onze salarissoftware

Met de Wet tegemoetkoming Loondomein zijn de premiekortingen voor oudere of arbeidsgehandicapte werknemers vervangen door de loonkostenvoordelen (LKV).

Lage-inkomensvoordeel (LIV)

U kunt een vergoeding krijgen voor het in dienst hebben van werknemers met een laag inkomen. Over 2020 krijgt u nog maar één soort lage-inkomensvoordeel (LIV). Dat voordeel per uur geldt voor alle werknemers die gemiddeld minimaal 100% en maximaal 125% van het wettelijk minimumloon verdienen.

Om voor een werknemer het lage-inkomensvoordeel (LIV) te krijgen, moet een werkgever ervoor zorgen dat zijn uurloon gemiddeld over het hele kalenderjaar minimaal 100% en maximaal 125% van het wettelijk minimumloon is. Dat betekent dat u in 2020 LIV krijgt voor:

  • Werknemers met een gemiddeld uurloon van ten minste € 10,29, maar niet meer dan € 12,87. U krijgt € 0,51 per uur LIV met een bovengrens van € 1.000,- per jaar.

Voor alle werknemers die 100% tot en met 125% van het wettelijk minimumloon verdienen, geldt een tegemoetkoming van € 0,51 per uur met de bovengrens van € 1.000 per werknemer per jaar.

Het gemiddelde uurloon is het totale loon (het loon voor de sociale verzekeringen), inclusief alle beloningen (zoals bijvoorbeeld vakantiegeld, toeslagen of een bonus) gedeeld door het aantal verloonde uren. Dit uurloon wijkt dus af van het uurloon wat op de loonstrook staat!

Om in aanmerking te komen voor deze subsidie gelden de volgende voorwaarden:

  • de werknemer moet in het kalenderjaar minimaal 1248 verloonde uren hebben. Werknemers die in de loop van het jaar in dienst komen voldoen waarschijnlijk niet aan deze eis. Voor hen is er dan geen recht op het lage-inkomensvoordeel.
  • de werknemer verdient minimaal 100% (= € 10,29) en maximaal 125% (= € 12,87) van het minimumloon.
  • de werknemer heeft de AOW-gerechtigde leeftijd nog niet bereikt.

Voor het lage-inkomensvoordeel is geen minimumleeftijd van toepassing. Het is dus mogelijk deze subsidie te krijgen voor een werknemer van 18 jaar die aan alle voorwaarden voldoet.

De uitbetaling van het lage-inkomensvoordeel over heel 2020 zal in september 2021 plaatsvinden.

U hoeft het lage-inkomensvoordeel niet zelf aan te vragen. De Belastingdienst haalt de benodigde gegevens uit de loonaangifte. Uiterlijk in maart 2021 krijgt u een voorlopig overzicht van het lage-inkomensvoordeel waar u recht op heeft. Eventuele fouten kunnen dan tot 1 mei 2021 worden hersteld. Voor 1 augustus 2021 krijgt u dan een beschikking met het definitieve lage-inkomensvoordeel 2020 en uiterlijk in september 2021 wordt dit aan u uitbetaald.

Minimumjeugdloon voordeel / Jeugd LIV

Door de stapsgewijze verhoging van het wettelijk minimumloon kregen werkgevers met jonge werknemers op minimumloonniveau vanaf juli 2017 te maken met aanzienlijk hogere loonkosten. Hiervoor is een (gedeeltelijke) compensatieregeling in het leven geroepen; ‘het minimumjeugdloon voordeel’. Werkgevers krijgen dit lage-inkomensvoordeel voor jongere werknemers van wie het gemiddelde uurloon over heel 2020 binnen de gestelde uurloongrenzen ligt. Daarvoor is de leeftijd van de werknemer op 31 december van 2019 doorslaggevend. Werkgevers krijgen namelijk alleen jeugd-LIV voor werknemers die op de laatste dag van vorig jaar 18, 19, of 20 jaar oud waren. Verder moeten de werknemers verzekerd zijn voor de werknemersverzekeringen. De uurloongrenzen voor het jeugd-LIV zijn voor heel 2020 als volgt:

  • Werknemers die 31 december 2019 18 jaar waren en gemiddeld een uurloon van minimaal € 5,19 en maximaal € 6,93. De compensatie is dan € 0,07 per verloond uur en maximaal € 135,20 per jaar.
  • Werknemers die 31 december 2019 19 jaar waren en gemiddeld een uurloon van minimaal € 6,23 en maximaal € 9,24. De compensatie is dan € 0,08 per verloond uur en maximaal € 166,4 per jaar.
    Werknemers die 31 december 2019 20 jaar waren en gemiddeld een uurloon van minimaal € 8,30 en maximaal € 10,29. De compensatie is dan € 0,30 per verloond uur en maximaal € 613,6 per jaar.

Er is geen minimum aantal uren voor deze regeling (minimumjeugdloon voordeel). U kunt dus een compensatie krijgen voor een oproepkracht, maar ook voor een fulltime werknemer.

Loonkostenvoordeel (LKV)

Voor oudere of arbeidsgehandicapte werknemers kunt u aanspraak maken op het loonkostenvoordeel per gewerkt uur. Het loonkostenvoordeel voor arbeidsgehandicapte werknemers en oudere werknemer uit een uitkeringssituatie bedraagt € 3,05 per verloond uur, met een maximum van € 6.000,- per jaar, gedurende maximaal 3 jaar. Het loonkostenvoordeel voor werknemers die onder de doelgroep banenafspraak vallen bedraagt € 1,01 per uur, met een maximum van € 2.000,- per jaar, gedurende maximaal 3 jaar.

Het loonkostenvoordeel voor oudere werknemers geldt voor werknemers die 56 jaar of ouder zijn en in de kalendermaand voor u ze aan neemt een uitkering genoten. Voor het loonkostenvoordeel voor oudere werknemers heeft u wel altijd een doelgroepverklaring nodig. U kunt deze opvragen bij de verstrekker van de uitkering (het UWV of de gemeente).

Let op! U kunt tot maximaal 3 maanden na de datum in dienst een doelgroepverklaring opvragen.

Het loonkostenvoordeel wordt net als het lage-inkomensvoordeel achteraf betaald. Naar verwachting voor omstreeks september 2021 over heel 2020.

De cijfers voor 2019 nog op een rijtje:

Lage-inkomensvoordeel (LIV) 2019
Voor 2019 gelden de volgende uurloongrenzen en bedragen:

  • Werknemers met een gemiddeld uurloon van ten minste € 10,05, maar niet meer dan € 11,07. Voor deze groep krijgt u € 1,01 per uur en maximaal € 2.000,- per jaar.
  • Werknemers met een gemiddeld uurloon van ten minste € 11,08 maar niet meer dan € 12,58. Voor deze groep krijgt u € 0,51 per uur en maximaal € 1.000,- per jaar.

Jeugd LIV 2019
Voor 2019 gelden de volgende uurloongrenzen en bedragen:

  • Werknemers die 31 december 2018 18 jaar waren en gemiddeld een uurloon van minimaal € 4,93 en maximaal € 6,47. De compensatie is dan € 0,13 per verloond uur en maximaal € 270,40 per jaar.
  • Werknemers die 31 december 2018 19 jaar waren en gemiddeld een uurloon van minimaal € 5,82 en maximaal € 8,44. De compensatie is dan € 0,16 per verloond uur en maximaal € 332,80 per jaar.
  • Werknemers die 31 december 2018 20 jaar waren en gemiddeld een uurloon van minimaal € 7,59 en maximaal € 10,04. De compensatie is dan € 0,59 per verloond uur en maximaal € 1.227,20 per jaar.
  • Werknemers die 31 december 2018 21 jaar waren en gemiddeld een uurloon van minimaal € 9,36 en maximaal € 10,04. De compensatie is dan € 0,91 per verloond uur en maximaal € 1.892,80 per jaar.

Wat moet u doen om deze compensatie te ontvangen?

U hoeft hier niets voor te doen. Wij zorgen ervoor dat de benodigde gegevens worden aangeleverd. De Belastingdienst gaat deze gegevens uit uw aangifte loonheffingen halen. Het is wel zo dat de Belastingdienst alle gegevens van 2020 pas in de loop van 2021 gaat verwerken. De betaling van de compensatie zal in september 2021 plaatsvinden. Ook mag het loon niet te hoog zijn. Als u namelijk bonussen, provisies of andere bruto toeslagen betaalt kunt u boven de grens uitkomen waardoor u geen compensatie ontvangt. Ook de bijtelling van lunch, een auto of andere vormen van loon in natura kunnen ervoor zorgen dat u geen compensatie krijgt. Wij adviseren u hier graag over!

Wilt u meer weten naar aanleiding van dit artikel?

Neem contact met ons op en wij vertellen u graag meer.